Tot we bij de incheckbalie van Singapore Airlines staan. “Heeft u een visum voor Vietnam?”, vraagt de ietwat verlegen jongeman achter de balie. “Nee”. “Heeft u dan een goedgekeurde aanvraag voor uw visum?” “Nee”. De jongen kijkt ons verontwaardigd aan en roept er een dame met duidelijk meer ervaring bij. Zij stelt de vragen nóg een keer en wij moeten haar – net zoals de jongeman – teleurstellen met twee keer nee. Ze loopt zorgelijk naar haar superior en aan hun non-verbale taal kunnen wij lezen dat we slecht nieuws voor onze kiezen krijgen. Ondertussen breekt het zweet mij uit. Ik kijk Daniel aan en hij stelt mij gerust met een plan. De dame komt met haar superior onze kant op en hij neemt het over. We mogen zonder visum niet het vliegtuig in, is zijn boodschap. NEE, denk ik. “Mogen we dan mee vliegen tot Singapore?”, vraagt Daniel opgewekt. “We hebben tenslotte twee enkeltjes en we reizen net zo lief over land door naar Maleisië”. De man blijft uiterst professioneel en stelt ons op de hoogte van het protocol; we mogen niet mee. Ondertussen kletst Daniel geanimeerd door en hij neemt de man mee in ons reisverhaal. De man loopt even weg en komt na een paar minuten terug met de verlossende woorden: “Oké, jullie mogen mee tot Singapore”. Hij is bereid het protocol te breken, Daniel doet een vreugdedansje en ik moet nog even wennen aan het nieuwe plan.

Bij de terminal worden we verwelkomt met een optreden en een uitgebreid buffet. Singapore Airlines vliegt naar Vietnam met voor het eerst een tankstop in Manchester. Het boarden duurt daarom iets langer dan gepland en dat geeft Daniel voldoende ruimte voor zijn tweede masterplan: we vragen een spoedvisum aan. Al wandelend naar het vliegtuig vult Daniel met één hand de online formulieren op zijn laptop in. Ik draag Daniel zijn veel te zware fototas en vlak voordat alle elektronische apparaten in het vliegtuig uit moeten, sturen we de online formulieren op. We kijken elkaar vol verwachting aan, kruisen onze vingers en glimlachen even naar boven voor het geval daar iemand toch de touwtjes in handen blijkt te hebben. Het vliegtuig stijgt op en de komende acht uur kunnen we niets doen, behalve films kijken, slapen en genieten van de absurde luxe van Singapore Airlines.

In Manchester blijkt dat we onze visa binnen hebben. JEEEEH! Daniel opent het document en het is stil… Hij begint te fronsen en haalt een hand over zijn hoofd. “Ik heb Maartje Grond ingevuld, in plaats van jouw volledige naam zoals in je paspoort”. Opnieuw breekt het zweet me uit en Daniel begint direct te bellen met het visumbureau in Vietnam. De verbinding is slecht en de mensen aan de andere kant van de lijn moeten nog een cursus klantvriendelijkheid krijgen. Daniel spreekt in totaal drie mensen en tussendoor racen we door de security check. We moeten het formulier nóg een keer invullen. Het is tenslotte onze eigen fout, maar omdat de spoed inmiddels twee uur betreft in plaats van één werkdag kost het nu $129,-. Eigen schuld, dikke bult.

In gedachte heeft Daniel alle drie de werknemers door de telefoon getrokken en door elkaar geschud. Hij gunt hen geen stuiver meer, dus we besluiten vlak voor vertrek mijn visum te laten voor wat het is en we gaan alsnog proberen Vietnam in te komen met de visums die we nu hebben. Lang leven het avontuur! We stijgen voor de tweede keer op en dit keer mogen we dertien uur genieten van alle filmpjes en de luxe van Singapore Airlines. Onderweg maken we de purser wijs dat wij onze visa hebben geregeld en hij ons op de hoogte van de procedure om alsnog door te vliegen naar Vietnam. Op Singapore hebben één uur en drie kwartier de tijd om drie dingen te regelen:

  • We moeten opnieuw inchecken.
  • We moeten zorgen dat onze bagage mee komt.
  • We moeten onze goedgekeurde visumaanvraag printen.

Vlak voordat we op Singapore landen staan we al in de startblokken. Het lampje ‘gordel vast’ gaat uit en we springen van onze stoel. Glimlachend en met een hoop pardon, piep ik met m’n blije blonde krullen langs alle mensen die hun bagage pakken, langs het gesloten gordijn van de business class- we moeten eigenlijk wachten tot alle mensen daar uitgestapt zijn – en we beginnen te rennen. Net op tijd springen we de zelf rijdende trein in richting Terminal 2. We rennen door naar balie E, want daar zit het transferteam. Hijgend neemt Daniel de jongeman achter de balie mee in punt 1, 2 en 3. Hij glimlacht lief en zegt: “Allright, that’s no problem”. Toch durven we nog niet te juichen omdat mijn naam onvolledig op de aanvraag staat.

De jongeman checkt ons in, regelt onze bagage en print de aanvraag uit. Hij checkt alle gegevens, lijkt even te twijfelen, maar keurt het goed. Hij print onze vliegtickets uit en wenst ons een goede vlucht. We lopen naar de juiste gate, mét onze vliegtickets en het we wanen ons op een roze wolk. HET IS GELUKT! HET IS GELUKT! HET IS GELUKT! We omhelzen elkaar, we zoenen en we kunnen zelfs nog even naar het toilet om onszelf een beetje op te frissen.

Na anderhalf uur landen we op Vietnam. We vullen ter plaatse alle benodigde formulieren in bij het visum locket en we wachten… Na twintig minuten worden onze namen omgeroepen. Een vriendelijke dame geeft onze pasporten terug, we lopen door de douane, naar buiten en we worden verwelkomt door een muur van vochtige hitte. Wij zijn er. We did it!

Wander the World With Us

Maartje Grond en Daniel Maissan

Maartje en Daniel

Meer weten over Maartje en Daniel en hun project? Meer blogs lezen en foto’s bekijken?
Check hun website of lees hun blogs en verhalen: 

Maartje Grond blogt #1: Nieuwsgierigheid boven angst
Maartje Grond blogt #2: Stampertje, de HULK en een pot pindakaas
Maartje Grond blogt #3: Landen in de Drentse bossen, het Permanent Beta Festival
Maartje Grond blogt #4: IJsland, ons pretpark
Maartje Grond blogt #5: Niets staat vast, dus wij verzetten de bakens!

Verhalen van Maartje Grond en Daniel Maissan #1: Michael Driebeek van der Ven
Verhalen van Maartje Grond en Daniel Maissan #2: Jón en Auja

Wat maakt ons rijk?